Home / Publicaties / Externe accountant aansprakelijk voor wanbeleid bij...

Externe accountant aansprakelijk voor wanbeleid bij een rechtspersoon?

Aansprakelijkheid van accountants

22/09/2009

In de Newsflash Accountancy van afgelopen maart 2009 werd aandacht besteed aan de aansprakelijkheid van de accountant jegens derden. In dat artikel kwam naar voren dat de belangen die met de taakuitoefening van de accountant zijn gediend, niet zijn beperkt tot die van de rechtspersoon om wiens verslag en jaarrekening het gaat. De werkzaamheden van de accountant hebben een zekere externe werking met als gevolg dat accountants onder omstandigheden aansprakelijk kunnen zijn jegens derden.

In de interne verhoudingen van de vennootschap wordt de vraag wie aansprakelijk is voor bepaalde schade, dikwijls voorafgegaan door een enquêteprocedure bij de Ondernemingskamer van het gerechtshof te Amsterdam. De Ondernemingskamer kan een onderzoek gelasten naar de gang van zaken binnen de rechtspersoon, teneinde vast te stellen of sprake is geweest van wanbeleid. Indien de Ondernemingskamer wanbeleid aanwezig acht, wordt deze vaststelling vaak gebruikt, ook door derden, om de verantwoordelijken vervolgens in een bodemprocedure aansprakelijk te stellen.

Kan de externe accountant in een enquêteprocedure bij de Ondernemingskamer verantwoordelijk worden gehouden voor wanbeleid binnen de vennootschap? Deze vraag kwam aan de orde in een recente enquêteprocedure.

De feiten

In de hier te behandelen zaak had de Vereniging voor Effectenbezitters (VEB) als belanghebbende een enquêteverzoek bij de Ondernemingskamer ingediend.

De VEB had de Ondernemingskamer verzocht om vast te stellen dat wanbeleid had plaatsgevonden bij rechtspersoon X. Het verzoek van de VEB strekte mede tot vaststelling van wanbeleid door het accountantskantoor, dat verantwoordelijk was geweest voor de controle van de jaarrekening van rechtspersoon X. Volgens de VEB was het accountantskantoor tekort geschoten in zijn controletaken en daarom medeverantwoordelijk voor het wanbeleid.

Tijdens het onderzoek hadden bestuurders en commissarissen van de rechtspersoon gesteld, dat zij bepaalde beslissingen hadden gebaseerd op - volgens hen - onjuiste informatie van de accountants van het betreffende accountantskantoor.

Wegens een gebrek aan middelen voor het onderzoek (de rechtspersoon was inmiddels failliet en de curatoren wilden de kosten van het onderzoek niet dragen) was het onmogelijk om de rol van de accountant precies vast te stellen. Daarom was het ook niet mogelijk om met zekerheid vast te stellen of de accountant tekort was geschoten in de controle van de jaarrekening.

Desondanks heeft de Ondernemingskamer zich uitgelaten over de vraag of de externe accountant verantwoordelijk kan zijn voor wanbeleid bij de rechtspersoon.

Oordeel Ondernemingskamer

De Ondernemingskamer stelt in de eerste plaats vast dat wanbeleid slechts kan worden vastgesteld ten aanzien van de rechtspersoon die voorwerp van het onderzoek is. De organen van de rechtspersoon en de individuele leden daarvan zijn voor de toepassing van dit criterium met de rechtspersoon gelijkgesteld. Volgens de Ondernemingskamer behoren tot (de individuele leden van) de organen van de rechtspersoon niet enkel degenen die krachtens de wet of statuten tot de rechtspersoon behoren. Het criterium wordt door de Ondernemingskamer dus ruim uitgelegd. Wel moet sprake zijn van een zekere feitelijke beslissingsmacht en daarmee de mogelijkheid het beleid van de rechtspersoon (mede) te bepalen.

In het onderhavige geval is de Ondernemingskamer van mening dat van de externe accountant niet kan worden gezegd dat hij, door in die hoedanigheid (dus de hoedanigheid van externe accountant) de controle van de jaarrekening uit te voeren, het beleid van de rechtspersoon mede had bepaald.

Het verzoek tot het vaststellen van wanbeleid mede door het accountantskantoor, vanwege tekortschieten in de controle van de jaarrekening, wijst de Ondernemingskamer af.

Analyse en conclusie

De Ondernemingskamer oordeelt dat het betrokken accountantskantoor geen wanbeleid kan worden verweten, maar zij overweegt daartoe dat in geval van mogelijk wanbeleid niet tot (de individuele leden van) de organen van de rechtspersoon kan worden gerekend: "de externe accountant (...), van wie niet gezegd kan worden dat hij door in die hoedanigheid de controle van de jaarrekening uit te voeren binnen het kader van de rechtspersoon (...) het beleid mede heeft bepaald (...)."

Door deze formulering lijkt de Ondernemingskamer de mogelijkheid niet uit te sluiten dat de externe accountant onder bepaalde omstandigheden (namelijk als hij geacht moet worden het beleid mede te hebben bepaald) wél wanbeleid verweten zou kunnen worden. Naar onze mening zal verantwoordelijkheid van externe accountants voor wanbeleid op deze grondslag slechts in zeer uitzonderlijke gevallen worden aangenomen. Er zal sprake moeten zijn van beleidsbepalend handelen dat geen verband houdt met de normale taakuitoefening van de externe accountant of de grenzen daarvan in vergaande mate overschrijdt.

Uit de hier behandelde procedure blijkt overigens wel dat het handelen van een externe accountant voorwerp kan zijn van het onderzoek naar de gang van zaken binnen een rechtspersoon in het kader van een enquêteprocedure.

Auteurs

Essink
Bart Essink