Inbrengwaarde: taxatie en tegentaxatie

10/03/2016

Een grondeigenaar die met gemeentelijk verhaal van kosten van grondexploitatie kan worden geconfronteerd, doet er verstandig aan om de taxatie op basis waarvan de gemeente ten behoeve van het exploitatieplan de inbrengwaarde van zijn grond heeft vastgesteld, kritisch te bestuderen. Hoe hoger de eigen inbrengwaarde namelijk is, hoe groter de aftrekpost die in mindering wordt gebracht op de verschuldigde bruto-exploitatiebijdrage. Maar het omgekeerde geldt natuurlijk ook, dus zal deze grondeigenaar al snel geneigd zijn, de door de gemeente voor diens grond gehanteerde inbrengwaarde te laag te vinden.

In beroepen tegen exploitatieplannen wordt hier dan ook vaak door appellanten over geklaagd. Het is vaste jurisprudentie van de Afdeling dat de appellant die het niet eens is met de gehanteerde inbrengwaarde, een rapport van een tegentaxatie uitgevoerd door een andere onafhankelijke deskundige moet inbrengen. Daarin mag niet worden volstaan met het over het voetlicht brengen van de resultaten van de uitgevoerde tegentaxatie, maar daarin moet ook worden onderbouwd, waarom het rapport van de taxatie in opdracht van de gemeente onjuist zou zijn in de zin dat dat rapport naar inhoud of wijze van totstandkoming zodanige gebreken vertoont dat het niet in redelijkheid aan de raming van de inbrengwaarden in het exploitatieplan ten grondslag had kunnen worden gelegd.

In een zaak waarover de Afdeling gisteren uitspraak deed, had de appellant een eigen deskundigenrapport ingebracht. Daarin was aan de hand van drie vergelijkingstransacties via een vertaalslag van de taxateur de grondprijs bepaald. Dat was beslist een heel andere benadering dan die, welke de taxateur van de gemeente had gevolgd. Die laatste had namelijk geen vergelijkingstransacties gebruikt, maar had voortgeborduurd op eerder voor de desbetreffende gronden uitgevoerde taxaties, en had onderzocht hoe de markt zich sinds de vorige taxaties had ontwikkeld.

Afgezien daarvan dat door de raad werd betwist dat de gebruikte vergelijkingstransacties inderdaad op vergelijkbare transacties betrekking hadden, zag de Afdeling in de enkele omstandigheid dat in beide rapporten verschillende benaderingen waren gevolgd, geen aanleiding voor het oordeel dat het taxatierapport van de gemeente gebrekkig was, omdat het tegenrapport nu eenmaal niet aangaf waarom en in welke opzichten de inbrengwaardetaxatie niet zou deugen.

Zie ook mijn artikel van 28 januari 2015: Bestrijding taxatie inbrengwaarden: het blijft lastig!

Auteurs

De foto van Robert Lucassen
Robert Lucassen
Advocaat