Rechtsbijstandverzekerden hebben recht op vrije advocaatkeuze

31/03/2014

Inleiding

Een werknemer heeft een rechtsbijstandverzekering afgesloten bij Reaal Schadeverzekeringen N.V. ("Reaal"). Reaal heeft voor de uitvoering van de dekking DAS Nederlandse Rechtsbijstand Verzekeringsmaatschappij ("DAS") aangewezen. Werknemer eist van zijn voormalige werkgever een schadevergoeding, omdat zijn ontslag kennelijk onredelijk zou zijn. Werknemer wenst een gerechtelijke procedure te voeren tegen zijn voormalig werkgever met bijstand van een door hem gekozen advocaat. Volgens werknemer zou de rechtsbijstandsverzekeraar de kosten voor deze rechtsbijstand moeten dragen. DAS stemt ermee in dat werknemer een procedure voert, maar stelt dat de door werknemer gesloten verzekeringsovereenkomst geen dekking biedt voor de kosten van rechtsbijstand door een advocaat naar keuze van de verzekerde. DAS is daarom slechts bereid om zelf de rechtsbijstand aan werknemer te verlenen door middel van een door haar aan te wijzen eigen werknemer die geen advocaat is.

Werknemer is het hier niet mee eens en vordert in kort geding dat DAS wordt veroordeeld opdracht te geven aan een door werknemer aan te wijzen advocaat om hem in een procedure te vertegenwoordigen en diens honorarium en proceskosten voor haar rekening te nemen.

Oordeel voorzieningenrechter en gerechtshof Amsterdam

De voorzieningenrechter heeft de vordering van werknemer afgewezen. Werknemer gaat hierop in beroep bij het gerechtshof Amsterdam. Het hof heeft het vonnis van de voorzieningenrechter bekrachtigd.

Het hof leest in de richtlijn 87/344/EEG – die ziet op de coördinatie van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen over de rechtsbijstandverzekering – ("de Richtlijn") geen verbod voor een rechtsbijstandsverzekeraar die aan de eisen van de Richtlijn voldoet, om in het kader van een rechtsbijstandverzekering in natura zelf rechtsbijstand te verlenen aan haar verzekerde in een door die verzekerde gevoerde gerechtelijke of administratieve procedure. Volgens het hof kan niet worden aangenomen dat de wetgever een verdergaand recht op vrije advocaatkeuze heeft willen verlenen dan uit de Richtlijn voortvloeit. DAS mocht de door werknemer tegen zijn werkgever te voeren procedure zelf laten behandelen door een gemachtigde, niet zijnde een advocaat, aldus het hof.

Prejudiciële vragen

Werknemer is het niet eens met de uitspraak van het gerechtshof Amsterdam en stelt in cassatie dat het recht op vrije keuze van een rechtshulpverlener niet afhankelijk is van een besluit van de rechtsbijstandsverzekeraar dat de zaak door een externe rechtshulpverlener zal worden behandeld.

In dat kader verzoekt De Hoge Raad het Hof van Justitie van de Europese Unie ("Hof") uitspraak te doen of artikel 4 lid 1 van Richtlijn 87/344/EEG het toelaat dat een rechtsbijstandsverzekeraar die in zijn polissen regelt dat rechtsbijstand in gerechtelijke of administratieve procedures in beginsel zal worden verleend door werknemers van de verzekeraar, daarnaast in zijn polissen opneemt dat de kosten van rechtsbijstand van een door de verzekerde vrij gekozen advocaat of rechtsbijstandverlener alleen onder de dekking vallen als de verzekeraar van mening is dat de behandeling van de zaak aan een externe rechtshulpverlener moet worden uitbesteed. Daarnaast verzoekt de Hoge Raad het Hof de vraag te beantwoorden of het in dat geval uitmaakt of voor de desbetreffende gerechtelijke of administratieve procedure rechtsbijstand wel of niet verplicht is.

Uitspraak Hof van Justitie EU

Op de eerste vraag heeft het Hof in haar arrest van 7 november 2014 bevestigend beantwoord. Artikel 4 lid 1 sub a van de Richtlijn verzet zich ertegen dat een rechtsbijstandsverzekeraar ook bedingt dat de kosten van rechtsbijstand van een door de verzekerde vrij gekozen advocaat of rechtsbijstandverlener slechts vergoed kunnen worden indien de verzekeraar van mening is dat de behandeling van de zaak aan een externe rechtshulpverlener moet worden uitbesteed. Het maakt hierbij geen verschil of rechtsbijstand voor de desbetreffende gerechtelijke of administratieve procedure naar nationaal recht verplicht is, aldus het Hof.

Arrest Hoge Raad

In het licht van de uitspraak van het Hof oordeelt de Hoge Raad dat in cassatie terecht is aangevoerd dat het recht op vrije keuze niet afhankelijk is van een besluit van de rechtsbijstandsverzekeraar dat de zaak door een externe rechtshulpverlener zal worden behandeld.

De Hoge Raad overweegt dat het gerechtshof de vordering van werknemer had moeten toewijzen, nu reeds in eerste aanleg vaststond dat DAS heeft ingestemd met het voeren van een procedure voor de kantonrechter. Daarnaast volgt uit het antwoord van het Hof op de prejudiciële vraag dat daartoe – in tegenstelling tot de overwegingen van de voorzieningenrechter – geen debat hoeft plaats te vinden over de vraag of werknemer het recht had zich door een advocaat te laten bijstaan in een procedure waarbij procesvertegenwoordiging niet verplicht is.

Conclusie

Als gevolg van de uitspraken van het Hof en de Hoge Raad kunnen verzekerden nu zelf een advocaat kiezen waaraan zij hun zaak wensen voor te leggen in het geval van een gerechtelijke procedure bijstaan. Hiermee wordt de vrijheid van de – veelal particuliere – verzekerde om zijn eigen advocaat te kiezen vergroot. De tijd zal leren wat voor effect dit heeft op het verloop van gerechtelijke procedures.

Het is de vraag hoe rechtsbijstandsverzekeraars met deze uitspraken om gaan. DAS heeft naar aanleiding van de uitspraken van het Hof van Justitie en de Hoge Raad haar polisvoorwaarden reeds aangepast. Het is nu aan andere rechtsbijstandsverzekeraars om, indien haar polisvoorwaarden niet overeenstemmen met voornoemde uitspraken, het voorbeeld van DAS te volgen.

Auteurs

De foto van Frank Verlaan
Frank Verlaan
Advocaat