Home / Publicaties / Structurele uitleen van personeel in de gezondheidszorg,...

Structurele uitleen van personeel in de gezondheidszorg, het onderwijs en in de sociaal-culturele sector blijft vrijgesteld van btw!

26/03/2010

In Nederland bestaat onder bepaalde voorwaarden een btw-vrijstelling voor het (structureel) ter beschikking stellen van personeel in de gezondheids-, onderwijs- en sociaal-culturele sector. Volgens de Europese Commissie leidt deze vrijstelling tot een verstoring van de concurrentie. De Commissie heeft de zaak zodoende voorgelegd aan het Europese Hof van Justitie. Het Hof heeft op 25 maart 2010 de klachten van de Commissie afgewezen. Nederland mag de vrijstelling (vooralsnog) handhaven.

Ter beschikking stellen van personeel
Terbeschikkingstelling van personeel kent verschillende aanduidingen, zoals detacheren, uitlenen en uitzenden. Voor de btw wordt onder ter beschikking stellen verstaan 'de situatie waarin een werkgever een werknemer ter beschikking stelt van een ander, waarbij die werknemer onder toezicht of leiding van die ander arbeid verricht'. Het ter beschikking stellen van personeel is in beginsel belast met 19% btw. Onder terbeschikkingstelling van personeel valt overigens niet de situatie waarin de presterende ondernemer zich tegenover zijn afnemer verbindt bepaalde diensten uit te voeren, waarbij hij ook voor de inhoud en kwaliteit van de diensten aansprakelijk is.

Vrijstelling
Hoewel het ter beschikking stellen van personeel in beginsel belast is met btw, heeft de staatssecretaris van Financi�n goedgekeurd dat heffing van btw achterwege blijft als aan een aantal (stringente) voorwaarden wordt voldaan. Zo dient de terbeschikkingstelling een structureel karakter te hebben, worden er eisen gesteld ten aanzien van de contractuele inkleding en moet de vergoeding voor het uitlenen beperkt blijven tot de brutoloonkosten, met eventueel een opslag voor de kosten die met het uitlenen zijn verbonden. Uiteraard is de vrijstelling alleen van toepassing als de terbeschikkingstelling onderling plaatsvindt tussen vrijgestelde zorginstellingen, vrijgestelde onderwijsinstellingen of erkende instellingen van sociale of culturele aard. Daarnaast gelden er nog een aantal aanvullende vereisten.

Klacht van de Europese Commissie
In de Europese Btw-richtlijn en de Wet op de omzetbelasting 1968 strekken de vrijstellingen in de sociaal-culturele, onderwijs- en gezondheidssector zich uit tot 'met daarmee nauw samenhangende leveringen en diensten'. Volgens de Europese Commissie is het ter beschikking stellen van personeel op zich geen nauw samenhangende handeling, maar een hoofdprestatie. Terbeschikkingstelling kan zodoende volgens de Commissie niet onder deze vrijstellingen vallen. De Nederlandse regeling zou daarom in strijd zijn met het Europese recht.

Oordeel van het Europese Hof van Justitie
Het Europese Hof heeft op 25 maart jl. geoordeeld dat de vrijstellingen weliswaar strikt moeten worden uitgelegd, maar dat de Europese Commissie onvoldoende onderbouwd heeft dat het uitlenen van personeel een doel op zich is en aldus een hoofdprestatie die btw-belast is. De klacht van de Commissie dat de Nederlandse vrijstelling voor het uitlenen van personeel in strijd is met het Europese recht kan zodoende niet slagen. De Nederlandse regeling blijft (vooralsnog) gehandhaafd.

Auteurs

De foto van Etienne Cox
Etienne Cox
Belastingadviseur
Amsterdam
Paul Hulshof
Paul Hulshof