Terhandstelling van algemene voorwaarden: nog een valkuil erbij om te vermijden

01/03/2011

De Hoge Raad heeft recentelijk bepaald dat algemene voorwaarden alleen van toepassing zijn als ze daadwerkelijk door de leverancier aan de klant zijn terhandgesteld. De toepasselijkheid van de algemene voorwaarden staat of valt met het op de juiste manier verstrekken van die voorwaarden, bijvoorbeeld door middel van (elektronische) toezending of feitelijke overhandiging. Het enkel verwijzen naar de mogelijkheid om de voorwaarden te "googlen" is onvoldoende.

First Data/KPN Hotspots Schiphol

In een langslepend conflict tussen een leverancier van kassasystemen First Data en KPN Hotspots Schiphol (voorheen: Attingo), heeft de Hoge Raad een belangrijke uitspraak gedaan over de toepasselijkheid van algemene voorwaarden. In deze zaak ging het om de vraag of de door First Data gehanteerde Fenit-voorwaarden rechtsgeldig aan Attingo waren terhandgesteld. In het contract had First Data alleen aangegeven dat de Fenit-voorwaarden van toepassing waren, zonder deze daadwerkelijk ter hand te stellen.

Terhandstelling algemene voorwaarden

Volgens de wet zijn algemene voorwaarden rechtsgeldig terhandgesteld, als de wederpartij een redelijke mogelijkheid is geboden om van de inhoud van deze voorwaarden kennis te nemen. In praktijk gebeurt dat dikwijls bij offerte, met gelijktijdige toezending van de toepasselijke voorwaarden. Is de overeenkomst langs elektronische weg tot stand gekomen, dan mogen de voorwaarden langs dezelfde weg worden verstrekt. Sinds 1 juli 2010 is het ook mogelijk om bij een 'off-line' gesloten overeenkomst de algemene voorwaarden langs elektronische weg ter beschikking te stellen, mits de wederpartij daar uitdrukkelijk mee instemt. De terhandstelling, op welke manier dan ook, dient uiterlijk plaats te vinden op het moment dat de overeenkomst wordt gesloten. Alleen dan zijn de algemene voorwaarden van toepassing.

De Hoge Raad

Volgens de Hoge Raad strookt de handelswijze van First Data niet met de uit de wet voortvloeiende informatieplicht van de leverancier. Het enkel verwijzen naar de mogelijkheid om via een zoekopdracht op het internet van de Fenit-voorwaarden kennis te nemen, zoals door First Data is gesteld, acht de Hoge Raad onvoldoende. Ten overvloede overweegt de Hoge Raad dat het enkele feit dat een wettelijke regeling een mogelijkheid tot kennisneming langs elektronische weg toestaat, nog niet betekent dat de leverancier reeds aan zijn verplichting heeft voldaan indien de desbetreffende voorwaarden (door een zoekopdracht) op internet kunnen worden gevonden. Het initiatief tot bekendmaking van de algemene voorwaarden blijft dus bij de leverancier.

Auteurs

Anastasia
Anastasia Chistyakova
Advocaat