Home / Publicaties / Voorzichtig met omzetprognoses!

Voorzichtig met omzetprognoses!

23/02/2010

Er is veel te doen over omzetprognoses die door de franchisegever worden verstrekt aan de franchisenemer met betrekking tot een nieuwe franchisevestiging. Franchisegevers vestrekken dergelijke prognoses of laten deze door derden verstrekken, teneinde de franchisenemer in staat te stellen een ondernemingsplan te maken en/of speciaal met het oog op het verkrijgen van een financiering. Op het moment dat de franchisenemer de begrote omzet niet haalt, stelt hij vaak de franchisegever aansprakelijk voor de door hem daardoor geleden schade. 

De huidige stand van zaken

Volgens vaste rechtspraak is een franchisegever niet zonder meer verplicht om een potentiële franchisenemer gegevens omtrent de te verwachten omzet en winst te verstrekken. Echter, wanneer een franchisegever dergelijke gegevens verstrekt, dient hij binnen bepaalde redelijke grenzen in te staan voor de juistheid van deze gegevens. Er rust op hem een zorgplicht. In het geval dat de prognoses gebaseerd zijn op onjuiste feiten of indien deze niet juist zijn uitgelegd, dan kan de franchisegever aansprakelijk zijn voor schade geleden door de franchisenemer.

Hierbij dient de kanttekening te worden gemaakt dat een voorwaarde voor aansprakelijkheid is dat de franchisegever weet dat de informatie niet correct is en desondanks verzuimt dit aan de franchisenemer mede te delen. Hoewel in de lagere rechtspraak deze voorwaarde wel eens buiten beschouwing wordt gelaten, is de heersende leer nog steeds zoals hier aangegeven.

In dit verband is een veelgehoorde stelling dat een franchisegever aansprakelijk is, indien een franchisenemer de geprognosticeerde resultaten niet behaalt. Hoewel de rechtspraak de franchisegevers tot voorzichtigheid en nauwkeurigheid maant met betrekking tot prognoses, is dit uiteraard te kort door de bocht.

Eigen verantwoordelijkheid franchisenemer

Allereerst dienen er - zoals hiervoor al aangegeven - evidente fouten in het rapport te zijn gemaakt en de franchisegever moet hiervan op de hoogte zijn. Bovendien moet de franchisegever verzuimd hebben dit aan de (potentiële) franchisenemer te melden.

Daar komt bij dat de resultaten die een franchisenemer boekt afhankelijk zijn van vele factoren. Zo zijn de inzet en het ondernemerschap van de franchisenemer van groot belang. Daarenboven gaat het bij prognoses - het woord zegt het al - om inschattingen. Deze zijn naar hun aard onzeker.

Onlangs heeft de Rechtbank Arnhem geoordeeld over onderhavige problematiek. Hierbij werd een franchisegever aangesproken door de franchisenemer op grond van het door de franchisegever gepresenteerde vestigingsplaatsonderzoek. Dit onderzoek zou te positieve uitgangspunten en prognoses hebben bevat en bij de franchisenemer verwachtingen hebben gewekt die niet zijn uitgekomen. De franchisenemer had de geprognosticeerde omzet (bij lange na) niet behaald en voor de schade die de franchisenemer hierdoor had geleden, werd de franchisegever aansprakelijk gesteld.

De rechtbank stelt vast dat de omzetten en het rendement van de franchisenemer achterbleven bij de prognoses. Daaruit volgt volgens de rechtbank echter niet en zeker niet zonder meer dat de prognoses onjuist waren.

Vervolgens herhaalt de rechtbank de vaste jurisprudentie dat een franchisegever ervoor moet zorgen dat de door hem verstrekte prognoses deugdelijk zijn. Het bijzondere in deze zaak was echter dat in de franchiseovereenkomst was opgenomen dat op de franchisenemer de verplichting rustte om -kort gezegd- de prognoses op juistheid te toetsen en aan zijn specifieke situatie aan te passen. De franchisenemer diende zelf een ondernemingsplan op te stellen.

Nu de franchisenemer een dergelijk plan niet had gemaakt en blind gevaren was op de door de franchisegever gepresenteerde cijfers, kon de franchisenemer eventuele onjuistheden in het vestigingsplaatsonderzoek niet eenzijdig bij de franchisegever neerleggen. De rechtbank achtte daarom het verweer van de franchisegever dat het beroep van de franchisenemer naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is, gegrond. De vordering van de franchisenemer werd uiteindelijk afgewezen.

Hoewel de aspirant-franchisenemer in beginsel op de juistheid van door de franchisegever afgegeven cijfers mag afgaan, is het dus mogelijk om op de franchisenemer de contractuele verplichting te leggen dat hij zelf de cijfers dient te (laten) beoordelen en dient af te stemmen op zijn persoonlijke situatie. Dit zal het, indien de prognose niet wordt behaald, voor de franchisenemer lastiger maken de franchisegever aansprakelijk te houden.

Conclusie

Voorzichtigheid is geboden voor franchisegevers wanneer zij een potentiële franchisenemer (rooskleurige) prognoses presenteren. Het is zaak dat zij dergelijke prognoses en de uitgangspunten daarvan deugdelijk opstellen en aangeven waarop de cijfers zijn gebaseerd. Er moet worden voorkomen dat onjuiste verwachtingen worden gewekt.

Daarenboven is het van belang om de franchisenemer op zijn eigen verantwoordelijkheid te wijzen door in de overeenkomst op te nemen dat hij zelf een ondernemingsplan dient op te stellen en dat hij de door de franchisegever verstrekte cijfers op juistheid dient te controleren en dient aan te passen aan zijn eigen specifieke situatie. Een franchisenemer blijft per slot van rekening een zelfstandig ondernemer.

Auteurs

Anita-Canta-CMS-NL
Anita Canta
Advocaat
Utrecht