Het Grondwettelijk Hof vernietigt het mechanisme van de bestuurlijke lus toepasselijk voor de Raad van State
Bij arrest van 16 juli 2015 (nr. 103/2015) heeft het Grondwettelijk Hof artikel 13 vernietigd van de wet van 20 januari 2014 die de Raad van State hervormde. Dit artikel vormde de wettelijke basis van het mechanisme gekend als "de bestuurlijke lus".
De bestuurlijke lus maakte het voor de Raad van State onder bepaalde voorwaarden mogelijk om, in plaats van de bestreden bestuurshandeling te vernietigen op grond van een of meerdere kleine onregelmatigheden, de auteur ervan uit te nodigen om deze te herstellen. Als de auteur op een correcte wijze gevolg gaf aan deze uitnodiging werd het beroep verworpen en vervangde de verbeterde akte de bestreden akte in de rechtsorde met terugwerkende kracht.
In haar arrest van 16 juli 2015 heeft het Grondwettelijk Hof besloten artikel 13 van de wet van 20 januari 2014 te vernietigen. De beslissing van het Hof is ingegeven door het feit dat, naar haar mening, het mechanisme van de bestuurlijke lus in strijd is met het beginsel van onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de rechter, doordat de Raad van State een invloed zou hebben op de verbeterde bestuurshandelingen, terwijl enkel de administratie de bevoegdheid heeft om de inhoud van haar bestuurshandelingen vast te stellen. Het Hof merkt ook op dat het mechanisme het recht op toegang tot de rechter ondermijnt, door niet te voorzien in de mogelijkheid om beroep in te stellen tegen de beslissing die met toepassing van de bestuurlijke lus is genomen. Tot slot merkt het Hof op dat de bestuurlijke lus het beginsel van de formele motivering bestuurshandelingen aantast. Ook een gebrek aan formele motivering kon immers worden hersteld door de bestuurlijke lus. En doordat de uitdrukkelijke motiveringsplicht de bestuurde net in staat moet stellen te beoordelen om een beroep in te stellen, zou, aldus het Hof, deze plicht haar doel voorbijschieten indien die bestuurde de motieven die de beslissing verantwoorden pas te weten kan komen nadat hij beroep heeft ingesteld. Er moet wel worden opgemerkt dat het Hof daarentegen niet van oordeel is dat de bestuurlijke lus het recht op tegenspraak zou miskennen.