Niet-residentiële activa – Minimum EPC-label E vanaf 2030 in Vlaanderen – Aandachtspunten voor investeerders en gebruikers
Vanaf 1 januari 2030 moet elk niet-residentieel gebouw met een bruikbare vloeroppervlakte van minstens 1.000 m² in Vlaanderen beschikken over een EPC-label van minimaal E. Voor investeerders en gebruikers van niet-residentieel vastgoed betekent dit dat het EPC-label niet langer een louter technisch of informatief gegeven is, maar een factor die rechtstreeks doorwerkt in de waardering, verkoop- en verhuurbaarheid van vastgoed. De verplichting geldt voor een brede waaier aan activa, waaronder kantoren, hotels, retail en woonzorgcentra. Industrieel vastgoed, zoals magazijnen en logistieke gebouwen, is voorlopig nog vrijgesteld van deze minimale labelvereiste.
In de aanloop naar 2030 zullen tal van gebouwen grondig moeten worden geanalyseerd, zowel wat betreft hun huidige EPC-score als de haalbaarheid, timing en kostprijs van de noodzakelijke ingrepen om minstens label E te behalen. In de praktijk gaat het vaak om een combinatie van maatregelen aan de gebouwschil (isolatie, beglazing) en aan de technische installaties (verwarming, elektriciteit, ventilatie), met een directe impact op het energieverbruik. Een laattijdige aanpak kan ertoe leiden dat capex-investeringen onder tijdsdruk moeten worden uitgevoerd, wat de kosten kan opdrijven en een negatieve weerslag kan hebben op de exploitatie en verhuurbaarheid van het vastgoed.
Voor investeerders is het dan ook aangewezen om de EPC-positie van bij de aanvang structureel te integreren in de due diligence en mee te nemen in de prijsonderhandelingen. Bestaande huurovereenkomsten verdienen een herevaluatie in het licht van deze verplichting, in het bijzonder wat betreft de toewijzing van de verantwoordelijkheid voor eventuele energetische werken tussen verhuurder en huurder. Voor nieuwe huurovereenkomsten is het raadzaam om te anticiperen op toekomstige ingrepen en hierover duidelijke afspraken te maken, zodat juridische onzekerheden worden vermeden.
In deze context kunnen instrumenten zoals de CRREM‑trajecten (Carbon Risk Real Estate Monitor) waardevolle ondersteuning bieden aan investeerders die deze doelstellingen willen integreren in het beheer en de renovatie van hun activa.