Antitrust, Competition & Trade update: juli en augustus 2026
Het mededingingsrecht is voortdurend in beweging, met regelmatige aanpassingen in de wetgeving en nieuwe jurisprudentie. Voor ondernemingen is het cruciaal om op de hoogte te blijven van deze ontwikkelingen om te voorkomen dat ze onbewust in strijd handelen met de wet. Door goed geïnformeerd te blijven, kunnen ondernemingen niet alleen juridische risico's vermijden, maar ook strategische voordelen behalen in een competitieve markt. De behoefte aan specialistische juridische kennis neemt zodoende steeds meer toe.
Om u te helpen voorop te blijven lopen, sturen wij u daarom onze periodieke newsflash met de laatste gerechtelijke uitspraken, informatie afkomstig van de autoriteiten en relevante achtergrondartikelen op het gebied van het Nederlandse mededingingsrecht. Hierbij ontvangt u de door ons verzamelde informatie.
Juli
Stichting CCC ontvankelijk in collectieve acties tegen Samsung en LG
Uitspraken van 1 juli 2026
De rechtbank Noord-Holland oordeelt dat Stichting Consumenten Competition Claims (CCC) ontvankelijk is in haar collectieve acties tegen Samsung en LG. CCC stelt dat Samsung en LG elk (en dus niet onderling) tussen 2013 en 2018 de verkoopprijzen van televisies hebben afgestemd met detailhandelaren. Daardoor hebben Nederlandse consumenten in die periode volgens CCC een te hoge prijs betaald. CCC beroept zich op de kartelboetes van respectievelijk € 40 miljoen en € 8 miljoen die ACM aan Samsung en LG heeft opgelegd. De inhoudelijke behandeling van de collectieve schadeactie volgt nadat het CBb heeft geoordeeld over het hoger beroep van Samsung en LG tegen de ACM-boetebesluiten.
ACM: maritieme sector mag samenwerken om minder milieubelastende schepen te ontwikkelen
Besluit van 2 juli 2026
De ACM geeft partijen in de maritieme sector ruimte voor informatie-uitwisseling naar aanleiding van een initiatief van Stichting Nederland Maritiem Land (NML). NML wil sectorbrede afspraken maken over het gebruik en hergebruik van data gedurende de levenscyclus van schepen. De ontwikkeling van minder milieubelastende schepen zou daardoor versnellen.
Volgens de ACM past de samenwerking binnen de mededingingsregels op voorwaarde dat deelnemers geen afspraken maken over prijs of kwaliteit, de deelname vrijwillig is en waarborgen gelden tegen uitwisseling van concurrentiegevoelige informatie.
ACM doet kartelonderzoek toeleveranciers publieke sector
Gepubliceerd op 7 juli 2026
In het kader van een kartelonderzoek heeft de ACM invallen gedaan bij enkele toeleveranciers aan instellingen in de publieke sector. De ACM onderzoekt of de betrokken toeleveranciers geheime afspraken hebben gemaakt over de verdeling van klanten en aldus de mededingingsregels hebben geschonden.
ACM geeft kledingsector ruimte voor gezamenlijk onderzoek naar effecten van retourkosten
Besluit van 21 juli 2026
De ACM geeft brancheorganisatie Thuiswinkel.org ruimte om onder leden onderzoek te doen naar de effecten van retourkosten op consumentengedrag. Het onderzoek moet meer inzicht geven in de effecten van (eventuele) retourkosten op de keuzes van consumenten. Retourzendingen zijn milieubelastend vanwege de toename in transport, opslag en verpakkingen. Daarnaast kunnen (online) kledingwinkels een deel van de geretourneerde kleding niet meer verkopen. Thuiswinkel.org wil met het onderzoek bijdragen aan de verduurzaming van de kledingsector.
Volgens de ACM past deze samenwerking binnen de mededingingsregels. De betrokken ondernemingen mogen namelijk geen concurrentiegevoelige informatie uitwisselen en dienen zelfstandig te bepalen of en hoeveel retourkosten zij rekenen. Daarnaast is deelname aan het onderzoek vrijwillig, duurt het niet langer dan nodig en zijn ondernemingen vrij om hun beleid na afloop aan te passen.
Rechtbank Amsterdam wijst schadeclaims in ethyleenkartelzaken af
Uitspraken van 29 juli 2026
De rechtbank Amsterdam wijst in twee separate uitspraken de vorderingen tot schadevergoeding van een claimstichting (namens Repsol) en van Shell Chemicals Europe af. Deze aanzienlijke schadeclaims volgden op de boete die de Europese Commissie in juli 2020 aan de ondernemingen Celanese, Clariant, Vestolit en Westlake oplegde voor het uitwisselen van informatie over de onderhandelingen over de maandelijkse referentieprijs (MCP) van ethyleen. Volgens de Europese Commissie hadden deze ondernemingen daarmee de MCP-onderhandelingen met ethyleenverkopers in hun eigen voordeel beïnvloed.
De rechtbank oordeelt dat niet kan worden vastgesteld dat de informatie-uitwisseling daadwerkelijk invloed heeft gehad op de MCP. In de Repsol-zaak acht de rechtbank de schadetheorie onvoldoende aannemelijk, gezien het beperkte marktaandeel van de karteldeelnemers en de invloed van andere marktfactoren op de prijsvorming. In de Shell-zaak kent de rechtbank weinig gewicht toe aan het deskundigenrapport. Daarin is een onvoldoende overtuigende vergelijking tussen de Noordwest-Europese en Aziatische markten ten grondslag gelegd.
Augustus
Bol biedt toezeggingen om consumenten en verkopers beter te beschermen
Gepubliceerd op 3 augustus 2026
In het kader van onderzoek van de ACM naar het platform van bol, biedt bol toezeggingen aan bij de ACM om consumenten en verkopers beter te beschermen. In haar onderzoek heeft de ACM op het onlineverkoopplatform van bol diverse risico's geconstateerd in het licht van de Platform-to-Business Verordening, de Digital Services Act, de Mededingingswet en regelgeving op het vlak van consumentenbescherming.
bol biedt aan om haar communicatie en klachtenafhandeling te versnellen en maatregelen te nemen ten behoeve van een duidelijkere prijsweergave van producten. Met het oog op eerlijkere concurrentie tussen zakelijke verkopers past bol de rangschikking en weergave van het productaanbod aan. Ook zegt bol toe platformdata niet te gebruiken om zichzelf als verkoper een concurrentievoordeel te verschaffen.
De toezeggingen zijn nog niet door de ACM bindend verklaard. Belanghebbenden hebben tot en met 13 september 2026 hun reactie op het ontwerpbesluit kunnen geven. De ACM neemt mede in het licht van die reacties een definitief besluit.
Rechtbank Amsterdam verklaart zich bevoegd in collectieve acties tegen Visa en Mastercard
Uitspraak van 12 augustus 2026
De rechtbank Amsterdam wijst bevoegdheidsverweren van Visa en Mastercard in separate collectieve acties van Stichting Multilateral Interchange Fees Claims (MIFC) af. MIFC treedt op namens een groep in Nederland gevestigde (online) retailers en meent dat Visa en Mastercard ieder sinds 1992 in strijd met het mededingingsrecht hebben gehandeld door te hoge tarieven te rekenen voor (internationale) transacties met betaalkaarten die buiten de EER zijn uitgegeven. Hierdoor zouden de retailers schade hebben geleden.
MIFC heeft acht Visa-entiteiten gedagvaard die zijn gevestigd in Nederland, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten. De Nederlandse Visa-entiteit vormt volgens de rechtbank één economische eenheid met de buitenlandse entiteiten en kan daarom als ankergedaagde fungeren. De rechtbank is daardoor ook bevoegd voor de vorderingen tegen alle Visa-entiteiten, ook de buitenlandse.
De rechtbank oordeelt ten aanzien van het Belgische Mastercard Europe dat zij rechtsmacht heeft op grond van de Erfolgsort. De schade van de betrokken retailers, die zou bestaan uit te hoge transactiekosten voor internationale transacties, treedt in op de plaats waar een transactie met een Mastercard-betaalkaart wordt verricht. Omdat de Nederlandse retailers waarvoor MIFC opkomt in overgrote meerderheid transacties in Nederland verrichten, wordt de Nederlandse markt beïnvloed door de gestelde mededingingsbeperkende gedragingen en is het Erfolgsort in Nederland gelegen. Op basis van de ankergedaagderegel is de rechtbank ook ten aanzien van de buitenlandse Mastercard-entiteiten bevoegd.
De beoordeling van de ontvankelijkheid van MIFC als exclusieve belangenbehartiger van Nederlandse retailers in beide collectieve acties zal later in 2026 plaatsvinden.
Europese mededingingsautoriteiten steunen strengere aanpak territoriale leveringsbeperkingen
Gepubliceerd op 13 augustus 2026
De ACM steunt samen met diverse andere mededingingsautoriteiten binnen de EU het initiatief van de Europese Commissie om aanvullende wetgeving tegen ongerechtvaardigde territoriale leveringsbeperkingen (TLB’s) in te voeren. TLB's zijn beperkingen die producenten of leveranciers opleggen aan hun afnemers die grensoverschrijdende handel en concurrentie belemmeren. De betrokken autoriteiten menen dat het huidige mededingingsrecht onvoldoende mogelijkheden biedt om alle vormen van TLB's aan te pakken.
Meer informatie of advies
Wilt u meer weten of van gedachten wisselen over bovenstaande ontwikkelingen? Neem dan contact met ons op, wij gaan graag met u in gesprek.rug naar inhoudsopgave: Meer informatie o