HvJ EU verduidelijkt drempel voor "Verandering van de algemene aard"
Het arrest van het Europees Hof van Justitie ("Hof") van 16 oktober 2025 (C-282/24) draait om Zweedse raamovereenkomsten voor het wegslepen van voertuigen. Na gunning pasten partijen het vergoedingsmodel aan: de straal voor de vaste vergoeding werd vergroot van 10 naar 50 kilometer, de vaste vergoeding ging omhoog en de variabele kilometerprijzen omlaag. Deze wijziging resulteerde in een marginale daling van de totale vergoeding. De prejudiciële vraag zag op de vraag of zo’n wijziging binnen artikel 72 lid 2 van Richtlijn 2014/24 (gecodificeerd in artikel 2.163b van de Aanbestedingswet 2012) een verandering van de "algemene aard" oplevert.
In dit artikel bespreken wij het arrest van het Hof en de gevolgen voor de praktijk.
Arrest van het Hof
Artikel 72 lid 2 maakt het mogelijk om lopende opdrachten of raamovereenkomsten te wijzigen, mits het wijzigingsbedrag minder dan 10% van de oorspronkelijke waarde bedraagt bij leveringen en diensten, of minder dan 15% bij werken, en het relevante drempelbedrag niet wordt overschreden. Daarbij geldt als aanvullende voorwaarde dat de wijziging niet mag leiden tot een verandering van de algemene aard van de opdracht of de raamovereenkomst.
Het Hof oordeelt dat artikel 72 lid 2 een zelfstandige mogelijkheid biedt om wijzigingen onder de waardedrempels door te voeren, zolang de "algemene aard" van de opdracht niet verandert. Het begrip "algemene aard" ziet volgens het Hof alleen op de meest ingrijpende wijzigingen die het voorwerp of het economische evenwicht van de raamovereenkomst fundamenteel transformeren. Niet elke wijziging die de uitkomst van de oorspronkelijke aanbesteding had kunnen beïnvloeden, valt volgens het Hof onder dit begrip.
Het Hof oordeelt dat prijs- en vergoedingswijzigingen zijn toegestaan binnen artikel 72 lid 2, mits deze beperkt blijven en de algemene aard niet wijzigen. Een marginale aanpassing van de totale waarde en een gewijzigde balans tussen vaste en variabele prijzen is op zichzelf onvoldoende om de algemene aard van een opdracht te veranderen. Alleen als de nieuwe vergoedingsstructuur het contractuele evenwicht fundamenteel aantast, kan sprake zijn van een verboden wijziging.
Conclusie
Kortom: binnen de drempels van artikel 72 lid 2 zijn beperkte wijzigingen van een vergoedingsmodel toegestaan zonder nieuwe aanbesteding, zolang de opdracht niet fundamenteel verandert en het economische evenwicht niet wezenlijk wordt verstoord.
Meer informatie of advies
Wilt u meer weten of van gedachten wisselen over dit arrest of over andere aanbestedingsrechtelijke kwesties? Neem dan contact met ons op, wij gaan graag met u in gesprek.